Zonnestroompanelen in Nederland

duurzaamheid achter de meter

Ferrarismeter sneuvelt voor inductiekoken

Inductiekoken is wonderbaarlijk. Er is geen vuur, geen CO2, geen hete verbrandingsgassen, geen fijnstof en geen pannen waar je het roet af moet poetsen. Water kookt in een oogwenk. Clean koken met alleen de pan en het voedsel die heet worden. De afzuigkap kan een stapje lager. Efficient en met spaarzame omgang van energie. Zo min mogelijk fossiel, dus een aardig stapje in de richting “van het gas af”. Toch is het niet allemaal rozegeur en maneschijn. De kookplaat heeft een maximum vermogen van 7.000 Watt. Dat kan mijn hoofdstop niet trekken (25A), en dus moest daar een nieuwe voor in de plaats komen. De netbeheerder was onverbiddellijk: “Je ferrarismeter inleveren en een slimme meter ervoor in de plaats laten installeren, anders kan je het schuddenn”. Niets mocht baten. Mijn oude ferrarismeter (bouwjaar 1968; berekend op een capaciteit van 20A) moest en zou het veld ruimen. De monteur kwam, zag en overwon. Nu hangt er een plastic Iskra doosje met een lcd display dat als je op een knoppje drukt aangeeft wat voor vermogen er door de meter jakkert. Er zijn vier telwerken: in – uit – dag – nacht, enfin, het bekende verhaaltje.

Dit is een dikke tegenvaller voor mij en een vette overwinning voor meneer Wiebes en zijn politieke kornuiten. Enige voordeel is dat ik nu kan zien hoeveel er teruggeleverd is. Dat hield de ferrarismeter keurig voor zichzelf.

Het plaatje is de geopende hoofdstopdoos, voordat hij dicht werd gedaan en verzegeld. Ziet er een beetje treurig, fragiel en o, zo 1935 uit. Met het huidige arsenaal aan elektrische apparaten en niet te vergeten de zonnepanelen is dit zo’n beetje het maximum. De schuimblusser hangt er uit voorzorg naast. Dit betekent ook dat straks, als we op een warmtepomp overgaan, we de hele meterkast kunnen vervangen. Het is dan een grote vraag wat de conditie is van de hoofdstroomkabel (ook die is ruim 80 jaar oud!).