Zonnestroompanelen in Nederland

duurzaamheid achter de meter

Top, top, top

Vandaag klokte de opbrengstrecorder van mijn zonnepanelen 12.858 pulsjes wat zich vertaalt in 6,4 kilowattuur supergroene eigen zonnestroom. Zo’n hoge dagproductie zo vroeg in het jaar is nog niet eerder voorgekomen in de 18-jarige geschiedenis van mijn zonnestroomsysteem. Het meest dichtbij komt 26 maart 2006 toen dezelfde hoeveelheid zonnestroom werd geklokt. Een heus record!

Zonnestroomsector stagneert in de VS in 2017

Als men de balans opmaakt van een tumulteus jaar in de Verenigde Staten waarin men de Parijse Akkoorden een trap na gaf, een klimaatscepticus hoofd werd van de Environmental Protection Agency (als hij morgen niet ontslagen is), een top-olieboer minister van Buitenlandse Zaken (eergisteren ontslagen) en waarin de president ongegeneerd de nationale kolen- olie- en staalsector promoot, dan lijkt het erop dat de Amerikaanse burger aardig geïntimideerd wordt door al dat fossiele gesnuif. Na 7 jaar onafgebroken spectaculaire groei van het aantal zonnestroomsystemen op woningen (‘residential PV’) daalde in 2017 het aantal nieuwe zonnepanelen dat op huizen werd gelegd. En niet zo’n klein beetje, namelijk 16%. De commerciële PV sector deed het beter, namelijk een groei van 28%. Bij elkaar werd er  in de Verenigde Staten in 2017 toch een hoeveelheid van ruim 10 GWp aan zonnestroom bijgeplaatst. De situatie in de VS heeft iets weg van ons land tijdens de Balkenende-periode: in het geniep ruim baan voor kolencentrales, aardgas en olieboeren. Amerikaanse VOC mentaliteit.

bron van gegevens: CleanTechnica

Nee heb je, nee kan je krijgen

Dat Leiden bepaald niet behoort tot de meest progressieve gemeenten in ons land wat betreft zonnestroom is al lang bekend. Mijn woonplaats bungelt al jarenlang in de grauwe middenmoot op de lijst van gemeenten met zonne-energie. De Stichting Natuur en Milieu becijferde onlangs dat Leiden op plaats 177 staat van 390 bekeken gemeenten met 17,22 Wattpiek geinstalleerd vermogen per inwoner (meting in 2015) (2 megawattpiek totaal geinstalleeerd vermogen). Als je kijkt naar toegevoegde zonnestroom in de periode 2012-2015 staat Leiden zelfs op plaats 385. Dat is vèr onderaan.  Er gebeurt dus heel erg weinig in mijn woonplaats vergeleken met gemeenten elders in het land. Leiden staat zowat stil!

Hoe komt dat nou? Sinds 2011 heeft Leiden er een enorm stuk Beschermd Stadsgezicht bij: de Zuidelijke Schil, met o.a. de wijk waarin ik woon (zie wikipedia). Inderdaad, dit gedeelte van de stad is bestaande bouw overwegend uit de jaren 1900-1940, niet verpest door naoorlogse revolutiebouw, en in particulier bezit van eigenaar-bewoners. De leefkwaliteit is heel hoog. Het is hier erg prettig wonen. Een smetje is dat de meeste vooroorlogse woningen op energiegebied ronduit  kunnen worden gekwalificeerd als ‘rampzalig’: overwegend energielabel F en G (zie Energielabelatlas.nl). Als je door de wijk loopt zie je plenty woningen met enkel glas.

De regels van het beschermd stadsgezicht zijn heel simpel: er mag niks. Daar wordt ook letterlijk de hand aan gehouden door de gemeente Leiden. Als men aan de buitenzijde van de woning iets wil doen of veranderen, moet men een omgevingsvergunning aanvragen. Die wordt getoetst door de stichting Erfgoed Leiden en door de welstandscommissie. De welstandsnota is enorm gedetailleerd en wijst zonnepanelen die zichtbaar zijn vanuit de openbare ruimte meteen naar de prullenbak. Basta! Nada. Uit.

Nu wil het geval dat mijn zonnepanelen uit 2000 stammen, dus voor het uitroepen van het Beschermde Stadsgezicht (huidige situatie op het plaatje). Indertijd liep ik dus ver voor de troepen uit. Mijn zonnepanelen zijn prettig zichtbaar vanaf de straat, maar ze liggen er legaal. Belangrijker is dat dat het dakvlak is waar de zon de hele dag op schijnt (gericht op Z-O).

Nu wil ik met mijn woning twee dingen: 1. van het gas af, 2. NOM (nul op de meter). Het Energie-A-label hebben we al, maar dat is relatief in een buurt met overwegend F en G labels. De beste van de klas – ja wat voor klas?) Dus ga ik voor A+. Daarvoor heb ik nodig: A. een zeer goed geisoleerde schil, B, lage-temperatuurverwarming, C, een elektrisch aangedreven lucht-water warmtepomp, D, elektrisch koken, E, duurzaam opgewekte stroom voor de warmtepomp uit eigen zonnepanelen

Punt A is goed maar niet perfect. Op de eerste verdieping moeten alle kozijnen vernieuwd en er moet A++ glas komen. Dat worden kunststof kozijnen, Dat is meteen ook inbraakpreventie. Punt B is voor elkaar. Punten C, D en E moeten gezamelijk gebeuren (‘Big Bang operatie’). Investering ca 20.000 euro waarvan het plaatselijke MKB profiteert.

Om de Big Bang operatie in te zeten ben ik gaan praten met Stichting Erfgoed Leiden: Onderdeel van Big Bang is namelijk het vernieuwen van de zonnestroominstallatie om voldoende zonnestroom op jaarbasis op te wekken om de sterk toenemende behoefte aan stroom op verantwoorde wijze groen op te wekken. Dus: de lappendeken van oude zonnpaneeltjes gaan weg, de zonneboiler gaat weg en er komen 10 grote, zwarte monokristalijne panelen (370 Wp per stuk) voor in de plaats (onderste deel plaatje). Nou, dat mag ik dus niet volgens de regeltjes. Ik mag wel de panelen die er liggen vervangen door even grote en even blauwe, maar verder houdt het op. Zonnepanelen vervangen door precies dezelfde is pure onzin. Het moet méér en het moet mooier. Dus staan mijn ambities even stil. Goed beschouwd zorgen de regeltjes ervoor dat ik voorlopig niet van het gas af ga, Waarom zou men investeren in zo’n krampachtige omgeving? Ik voel me opgesloten in vloeibare stikstof.

Er gebeurt dus helemaal niks totdat bij de gemeente het kwartje is gevallen. En dat moet in Leiden in de komende 4 jaar met een nieuwe gemeenteraad gebeuren, anders zijn wij de allerlaatste gemeente die van het gas af gaat.

Kijk, nu begrijpt u dat er in mijn woonwijk zo heel nu en dan een (illegaal?) zonnepaneeltje bij komt. Er mag gewoon helemaal niks. Een treurig verhaal. Maar we laten het er niet bij zitten!

Natuur en Milieu rapport “Zon zoekt Germeenten

Wikpedia Beschermd Stradsgezicht Zuidelijke Schil

Energielabelatlas.nl – Zuidelijke schil Leiden (de groene labels zijn nieuwbouw en gerenoveerde huurwoningen)

Even blazen, twee pufjes, uit met de pret

Met de lente duidelijk in aantocht is de cv installatie bezig met terugtrekkende bewegingen. Het is interessant om amper een week na Siberische kou en topprestaties van de verwarming eens te kijken hoe de terugtocht van Koning Winter verloopt. Het plaatje is de grafiek van de temperatuur in de aanvoerleiding vanaf de cv, vanavond. Die temperatuur wordt voortdurend gelogd via wat eigentijdse techniek (zie Arduinohoekje).

Leuk zo’n grafiekje. Wat zie je er aan? Allereerst dat tot 17:15 de cv gewoon uit stond. De temperatuurcurve is vlak en het water is 19 graden. Dan besluit de ketel om 17:15 tot actie: de brander gaat aan en het water wordt snel verwarmd tot 38 graden. De maximale ketelwatertemperatuur is geknepen tot 40 graden. Dat werkt dus en er is geen overshoot (daar hadden we last van toen de vloerverwarming brandnieuw was). Rond 18:15 gaat de brander even aan en geeft de watertemperatuur een zetje. Hetzelfde gebeurt nogmaals rond 19:00 en dan is het afgelopen, ondanks dat de kamerthermostaat op 20 graden staat ingesteld. Even blazen en twee pufjes. Niet gek op 12 maart! Dat kan dus makkelijk met een L/W warmtepomp.

Onder de douche

Ik kan me een discussie herinneren op deze website over het gebruik van de douche. Hoe ver moet de douchekop van je vandaan zijn: lekker ver weg voor een prettig gevoel van veel water, of dichtbij om warm water te besparen. Deze vraag heeft me altijd geïntrigeerd. Daarom ben ik eens aan de slag gegaan met wat elektronische temperatuursensors en een Arduino-logger om meer te weten te komen over watertemperaturen in een douche. Hoe warm is het bij de douchekop? Hoe warm is het op de bodem van de douchecabine, hoeveel neemt de warmte van het douchewater af, en gaat dat gelijkmatig, of bijvoorbeeld heel sterk vlakbij de douchekop. Ook hier geldt meten = weten en dus heb ik er weer een weekje meetplezier op zitten. Ik kwam tot een aardige conclusie met betrekking tot het energieverbruik. Het verslag leest u hier in het Arduinohoekje. (in het Engels)

20.000

En toen stond de meter ineens op 20.000 kWh geproduceerde zonnestroom. Het voorjaar is begonnen en dan gaan de zonnepanelen er weer lekker tegenaan. In het najaar van 2000, toen m’n eerste setje van 6 paneeltjes (ieder 95 Wp) al een half jaartje draaide, heb ik een tweedehands ferrarismeter op de kop getikt en die vanaf dat moment gebruikt als tussenmeter om de productie van de supergroene stroom te bemeteren. Later zijn er nog een paar andere zonnepaneeltjes bijgeschakeld, en de complete lappendeken draait al jaren met plezier. Vandaag om 13:00 ging de meter door de 20.000.

Wat kan een mens doen met 20.000 kWh? Een gemiddeld huishouden consumeert 3.500 kWh per jaar en zou dus bijna 6 jaar met zo’n hoeveelheid kunnen draaien.  En kopje koffie zetten kost ca 0,02 kWh. (bron: verbruiken.nl). De zonnepanelen hebben dus een equivalent stroom opgebracht goed voor 1 miljoen kopjes koffie. Zonnekoffie dus.

Voorbereid op een warmtepomp? (2)

Achteraf was de koudegolf even snel voorbij als dat hij kwam. De cv had het precies één dag lastig om met een bedrijfstemperatuur van 42 graden de woning warm te krijgen. Dat was op zich niet zo’n probleem. Gewoon een ‘spontane’ warmetruiendag inlassen, de pantoffels uit de kast halen of desnoods een elektrisch ventilatorkacheltje inschakelen. Maar wat als een Siberische koudegolf niet eind februari, maar eind januari ons land treft en twee weken aanhoudt? Zoiets als de winter van 1995/96 (106 vorstdagen) (bron: KNMI). Zo’n langere (strenge) vorstperiode wil je niet overbruggen met truien, pantoffels en een elektrisch ventilatorkacheltje, wat? Dat betekent dat de komende warmtepomp een behoorlijke overcapaciteit moet hebben, dan wel in staat zijn om bij buitentemperaturen van -6 graden nog behoorlijk wat warmte uit de buitenlucht te halen. Dat in het geval van een lucht-warmtepomp. Mensen met een water-water warmtepomp hebben dit probleem niet. Dat wordt weer studeren en rekenen. Intussen kan ik de isolatie van de woning nog een stuk opvoeren. Dat is sowieso voor iedereen met een eigen woning een goede investering.

Voorbereid op een warmtepomp? (1)

De gigantische koudegolf van de afgelopen week bood een welhaast ideale gelegenheid om een experiment uit te voeren met de verwarming. Vorig jaar heb ik de ketelwatertemperatuur thermostaat teruggezet op 42 graden omdat de radiatoren die er in mijn huis nog zijn onbehaaglijk warm werden (in 2015 is vloerverwarming in de woonkamer en uitbouw aangebracht, samen met extreme vloerisolatie; in 2017 zijn op al die radiatoren thermostaatkranen gezet). De vloerverwarming werkt heel constant en is uiterst comfortabel. Er gaat water in van 23 graden en er komt water van 21 graden uit. De vloer zelf is 22 graden. Je kunt heerlijk op je sokken rondlopen en er is geen koude tocht. De thermostaat in de  woonkamer staat overdag op 19 graden, en ‘ s avonds op 20 graden. Zeer behaaglijk. Door de vloerverwarming heb je niet meer dan dat nodig! De kamerthermostaat is tussen 23:00 en 06:00 geprogrammeerd op 15 graden.

De vraag was afgelopen zondag (25 februari): er komt een enorme koudegolf op ons af. Redt de cv het om het huis te verwarmen zonder dat het nodig is om de ketelwatertemperatuur op te schroeven? Deze vraag is belangrijk omdat ik radicaal van het gas af wil en een warmtepomp het verwarmingswerk wil laten doen (heet tapwater komt uit de zonneboiler en een elektrische close-in boiler). Met spanning ging ik de week in. Het zelfgebouwde weerstation kon zich gaan bewijzen.

Het ging allemaal prima tot en met afgelopen woensdag, dankzij de uitbundige zonneschijn waardoor in de middag de verwarming zelfs op een laag pitje ging. De echte test kwam op donderdag met z’n oosterstorm en een temperatuur van -8 graden (gelogd rond 08:00 uur). De straatkant van de woning is georienteerd op het zuidoosten, en op de eerste verdieping hebben de ramen de minst gunstige R waarden (0,333). Daar zit nog ouderwets dubbel glas in plaats van HR++ glas, en uitgerekend daar loeide de oostenwind. Terwijl het op de begane grond 16 graden werd, bleef de temperatuur op de eerste verdieping zelfs na het opkomen en instralen van de zon steken op 15 graden. De pantoffels werden uit de kast gehaald.

Vandaag werd het niet zo koud als op donderdag. De oostenwind was guur maar veel minder venijnig dan de dag ervoor. De verwarming trok weer keurig als vanouds de temperaturen binnenshuis naar de waarden die ik gewend ben. De pantoffels konden terug de kast in. Dàg pantoffels!

Gezakt voor de test? Ik concludeer dat er een langdurige, ijzige oosterstorm nodig is om de capaciteit van de cv bij 42 graden keteltemperatuur in te halen. Dat is een veel beter resultaat dan ik had gehoopt, want het betekent dat ik met het verbeteren van de beglazing op de eerste verdieping in een situatie kom dat een warmtepomp het keurig kan trekken, zelfs onder zulke extreme omstandigheden als afgelopen donderdag.

En anders zetten we er toch een elektrisch ventilatorkacheltje bij! Zonnestroom hadden we de hele week in overvloed !

Met kop en schouders

Bingo! Het zat er al een beetje aan te komen: de beste februarimaand ever voor mijn  zonnepaneeltjes. En niet zo’n klein beetje ook. Royaal, met kop en schouders. De zes oude Shellpaneeltjes (95 Wp elk) hebben afgelopen maand samen 34,8 kWh supergroene zonnestroom geproduceerd. Nog nooit in de 18-jarige geschiedenis van mijn zonnestroomsysteem is er in februari zó veel stroom van het dak af geplukt. Tot dit jaar was 2003 de recordhouder met 33,0 kWh. Het slechtste jaar was 2009 met een maandproductie van 17,4 kWh, dus precies de helft van de afgelopen maand. Het voorschrijdende gemiddelde voor februari staat op 20,3 kWh, dus afgelopen maand zit hier ruim 60% boven.

Winterse toestanden

Tja, en dan heeft het ’s nachts gesneeuwd en blijft de temperatuur vandaag onder het vriespunt hangen. Daar ga je met je zonnepanelen en je relatieve voordeel op huishoudens die compleet van gas afhankelijk zijn. Nu is het allemaal gelukkig niet zo erg als op het plaatje (archiefplaatje van vorig jaar), en de zon is bezig zich een weg door de sneeuw te branden. Opmerkelijk is het hoge instralingsgetal op de fotometer. Intussen was het voorraadvat van de zonneboiler gisteren weer lekker volgestroomd met door de zon opgewarmd water. We beschikken dus in dat opzicht over een leuk buffertje. Irritant is het wel om te zien dat de zon vandaag vrolijk begon te schijnen terwijl de zonnestroomproductiemeter er een beetje bij hing. We hopen er het beste van. Langzaam maar zeker beweegt de wijzer van de productiemeter opwaarts. Het is per slot van rekening bijna maart. Spannend wordt het vanavond als de maandcijfers bekend worden. Was februari 2018 een record-zonnestroom-februarimaand?