Zonnestroompanelen in Nederland

duurzaamheid achter de meter

Balanceren met jouw auto

Tennet heeft bekend gemaakt dat het platform gereed is waarmee men kan inhaken op het groeiende aantal elektrisch auto’s. Net als hun fossiele broertjes staan deze gewoon 99% van de tijd netjes geparkeerd niks te doen. Dat is zonde. In plaats van enorme batterijparken te bouwen voor net-balancering zoals dat hier en daar gebeurt, of een gascentrale stand-by houden, kan je net zo goed de crowd en de cloud in, ofwel via laadpalen, een blockchain techniek en een [echte] slimme meter de accu’s benutten in miljoenen auto’s die toch stil staan. Of de accu’s van huishoudens benutten die zonnestroom erin opslaan. Tegen een kleine vergoeding. Ik heb begrepen dat de technieken niet werken met de huidige slimme meter en dat de software in auto’s ook een update behoeft. Ook moeten er [uiteraard] thuisbatterijen zijn met uitwisselings-software om met het hele proces mee te doen.

Een en ander komt op een moment dat het aantal e-auto’s sterk groeit en belangstelling voor accu-opslag van zelfopgewekte (zonne)stroom ontwaakt.

De timing van het persbericht is perfect: op een moment dat we weten dat Wiebes de salderingsregeling om zeep heeft geholpen. Nu kan onze minister Wiebes weer een nieuw heffinkje  gaan bedenken om e-automobilisten en zelfopwekkers het leven mee zuur te maken.

bron: bericht NOS

19 april 2020 – perfecte zonnestroomdag

Bijna elk jaar verrast de maand april ons met een periode met strakblauwe lucht, felle voorjaarszon en een voor zonnepanelen aangenaam koele wind. Dit jaar maken we een buitengewoon lange periode van dit type weer mee: een streak. De huidige streak begon eigenlijk al drie weken geleden. dat is zeer uitzonderlijk. Ik heb er een bericht aan gewijd op 27 maart.

Nu, nauwelijks twee weken later, duurt die streak maar voort. Gisteren (19 april) was een perfecte dag met ononderbroken felle zonneschijn, stevige koele bries, voorjaarsweer pur sang. Zeer zeker voor de zonnepanelen die nog nooit zo vroeg in het jaar zo veel hebben opgeleverd.

De productiegrafiek van zondag 19 april ziet u op het plaatje. De eenheid is watturen per uur, een wat ongebruikelijke maat veroorzaakt door de output van mijn Arduino logger. In de ochtend schijnt de zon op het voordakvlak (gericht op het zuid-oosten), piept rond het middaguur over het dak heen om (ook) de panelen op het achterdakvlak  te gaan beschijnen (orientatie noordwest – beetje rare orientatie maar dat heeft te maken met de gemeente Leiden met haar bizarre welstandseisen). Die ‘achter’panelen zetten een behoorlijke portie productie bovenop de prestaties van de ‘voor’panelen. Vandaar het ‘gehaakte’ profiel. Rond 27 maart was die schouder nog een profiel’piepje’. Nu niet meer. Oost-westplaatsing van panelen is lang niet zo gek want de productie gaat langer door gedurende de dag. En verreweg de meeste productie valt toch in de lente, zomer en najaar.

Bejaarde weer aan de bak

Je moet voorzichtig omgaan met bejaarde apparaten.Ze kunnen fragiel zijn. Toen ik gisteren diep in een kast op zolder de voorraad oude OK4E omvormertjes inspecteerde ontdekte ik daar een oude bekende, nummer 13008. Dit is een heel speciaal omvormertje, want hij was de enige werkzame overlevende van de zes omvormertjes die oorspronkelijk achterop de panelen van mijn allereerste set zaten gemonteerd. Dat was in juni 2000. In 2003 is hij met vier vriendjes naar binnen gehaald (twee waren er al overleden) waar hij tot vorig jaar dienst heeft gedaan. In augustus 2019 werden de zes panelen aangesloten op een string-inverter. De ingebouwde teller van 13008 gaf bij de feestelijke pensionering het getal 1237808 aan, ofwel bijna 1.238 kilowattuurtjes productie aan supergroene zonnestroom. In een bui van nostalgie nam ik het omvormertje uit de kast, blies het stof eraf, poetste hem op en dacht “zou hij het nog wel doen?”. Immers: rust roest.

Zo nu en dan moet je een gepensioneerde iets laten doen wat hij leuk vindt. Je moet hem aandacht geven. Nu kunnen we aan omvormers geen anthropomorfe kenmerken meegeven, maar het heeft iets. Ik heb dus een van de werkzame OK4E’s van zijn paneel af gehaald en nummer 13008 ervoor in de plaats gezet. En ja hoor:  prachtige productie. Weet je wat, we laten 13008 nog even genieten van zijn uitstapje van een muffe zolderkast naar de prachtige werkelijke wereld. Hij heeft het verdiend!

Zonnestroom klotst langs de plinten

Bij het bekijken van de weekproductiecijfertjes in de spreadsheet viel me het getal op dat deze week in de kolom ‘percentage teruggeleverd’ staat. Afgelopen week was een van die zeldzame weken dat elke dag de zon uitbundig schijnt en de zonnestroom van de panelen af spat. Liefst 79% van alle door mijn panelen opgewekte stroom is afgelopen week linea recta via de meterkast de straat in gegaan. In mijn vooroorlogse wijk kan dat nog een probleem geven met het toenemende aantal zonnepanelen bij buren, want de netspanning was op een gegeven moment 245 volt.

Nou ja, ik heb al eerder beweerd dat ‘terugleveren’ een term is die is uitgevonden door jaloerse netbeheerders, want er wordt helemaal niks terug geleverd. Die stroom komt direct van mijn panelen af, het is dus gewoon ‘productie’ of zo u wilt, ‘overproductie’. De realiteit is dat ik geen kans zie alle zonnestroom te consumeren. De koelkast is al een A+ ding, de tv heeft geen stroomslurpende kathodebuis meer, de pc is een uiterst zuinig  passief gekoeld doosje waarmee ik de hele dag kan videoconferencen zonder dat het verbruik boven 50W komt, heet water komt uit de zonneboiler (afgelopen week constant op 80 graden). Elektrisch koken zet weinig zoden aan de dijk. De cv is uit en de airco hoeft nog niet aan. Het wachten is op Wiebes die over een paar jaar alle overproductie in dank zal afnemen.

Weer stuk! — Weer gefikst!

Problemen met zonnepanelen kunnen best hardnekkig zijn. Neem deze. Heb je een omvormertje vervangen, gaat het twee dagen later wééer mis. Nul Watt productie op een superzonnige dag. Dat is niet te pruimen. Dus het hele spul van het dak af gehaald en alles eens heel grondig geïnspecteerd. Het is allemaal oud spul, dus nogal weerbarstig en vies geworden. Bivakkeer zelf maar eens 20 jaar op het dak. Een bekend euvel bij dit type panelen is dat achterop twee reusachtige junction boxen zitten, vol met diodes, blikken plaatjes en aansluitschroeven. Aanvoerende en afvoerende kabels hebben een schoentje dat met een ondermaats schroefje is vastgezet, zonder veerringetje. Deze panelen liggen al iets van 19 jaar op het dak en dan gaan schroefjes corroderen, of ze zetten uit en krimpen, kortom gaan los zitten. Je houdt het niet voor mogelijk! MC-4 connectoren waren19 jaar geleden nog niet uitgevonden. In dit geval zat het schroefje los waarmee de min-kabel is gemonteerd. In zo’n geval heb je wel spanning maar er loopt geen stroom doorheen – productie nul Watt. Ik heb dus alle schroefjes losgemaakt, ontdaan van vuil en vet, opgeschuurd en keurig vastgedraaid. Ook de junction boxen werden zorgvuldig schoongemaakt en alle bedrading van begin tot eind nagelopen (de omvormertjes hangen binnen, onder het dak). En bingo! er kwam weer prettig vermogen uit. Dit zijn 120 Wp panelen en dat tikt dus bij zonneschijn lekker aan in de lente. Ding weer het dak op, testen, en hij mag er wat mij betreft weer 20 jaar liggen. Ook het vervangen OK4E omvormertje deed het weer prima. Leve veteranen!

Dus: houd uw panelen scherp in de gaten. Meten = weten!

Stuk! — Gefikst!

Het lijkt een soort herhaling te worden: het voorjaar breekt uit en een zonnepaneel stopt ermee. Eigenlijk is de oorzaak vrij natuurlijk: de zon schijnt steeds feller en met name bij koud weer met schelle voorjaarszon die zo nu en dan achter wolken verdwijnt en weer plotseling tevoorschijn komt, krijgen de oude OK4E omvormertjes plotseling klappen zonnestroom om te zetten. De belasting loopt dan in een paar seconden op van nul naar vol vermogen. Doe dat maar eens 20 jaar lang, jaar in jaar uit.

Enfin, elk voorjaar loop ik al mijn panelen na  – extra alert na het gesodemieter vorig jaar – en ja hoor: een paneel (120 Wp, geïnstalleerd in 2001) gaf wel spanning maar geen stroom. De diagnose is dan snel gesteld: omvormertje gesneuveld. Gelukkig heb ik genoeg nieuwe en veteranen in de kast liggen om meteen tot vervanging over te gaan. En hup! het paneel produceert weer keurig de 93 W die een OK4E maximaal kan leveren.

Houd uw panelen in de gaten. Meten = weten!

Weetje voor de Wethouder

De wethouder in Leiden met portefeuille ‘Duurzame Verstedelijking, Ruimte & Wonen’ wil liefst op alle daken van Leiden zonnepanelen. Dat mag helemaal niet, zeggen de welstandsregels. Dat is lelijk, ongewenst en het beschadigt onze mooie stad, liet de Historische Vereniging Leiden (HOVL) in een artikel in de krant weten Gevolg is dat met name in de oudere gedeelten van Leiden zonnepanelen op de vingers van één hand zijn te tellen. De voorgestelde wijzigingingen van de welstandsregels zijn zó minuscuul en brengen zó veel bureaucratie met zich mee dat op dat punt niet veel te verwachten is. Er heerst een sfeer van “niets mag”, en ook dat werkt averechts. Leiden staat op een beroerde lage plek in de reeks Nederlandse gemeenten waar het gaat om aantallen Wattpiek per inwoner.

Misschien kan ik de arme wethouder opfleuren met een bericht dat ik van een aficionado van mijn blog kreeg: in Zwitserland zijn prachtige zonnepaneeltjes te koop die de vorm, afmetingen en kleur hebben van leien. Je zou er zo de complete daken van de Pieterskerk, Hooglandse kerk, Gravensteen en het  Academiegebouw mee vol kunnen leggen zonder dat ook maar iemand het zou opmerken (behalve de HOVL uiteraard).

bericht in Solar Magazine: Swiss solar tiles for new and historic buildings – in photos

met dank aan GV voor het opmerkzaam maken

Wethouder en Wiebes op één kussen

Zouden die twee onder één hoedje spelen? De vooruitstrevende wethouder in Leiden met portefeuille ‘Duurzame Verstedelijking, Ruimte & Wonen’ wil liefst op alle daken van Leiden zonnepanelen. In 2030 of zo moet dat proces zijn beslag moeten krijgen. Tegelijkertijd schaft minister Wiebes de salderingsregeling af. Dat laatste betekent dat na 2031 liefst 70% van de door zonnepanelen opgewekte stroom ten goede komt aan de opvolger van minister Wiebes (70% van wat je zonnepanelen produceren wordt namelijk aan het net teruggeleverd). Wiebes zegt vaagjes dat er een prijs moet zijn voor die teruggeleverde kilowattuurtjes maar de kans groot dat je in 2031 helemaal niks meer voor je teruggeleverde zonnestroom krijgt (smoes: de zon schijnt vandaag; er is congestie, schakel maar af, koop maar een accusysteem). Wiebes zegt ook dat mensen die in 2023 zonnepanelen aanschaffen hun paneeltjes kunnen terugverdienen. Dat klopt want de salderingsregeling wordt tussen 2023 en 2031 stapsgewijs afgebouwd en de terugverdientijd is op dit moment ca 7 jaar). Mensen die in 2031 zonnepanelen kopen kunnen dat terugverdienen vergeten. Mensen die een jaar eerder panelen kopen kunnen 90% terugverdienen vergeten, mensen die in 2029 kopen kunnen 80% vergeten, en zo voort.

Met andere woorden: onze aardige en vooruitstrevende wethouder vraagt ons of wij willen investeren in zonnepanelen waarvan we straks 70% van de baten kunnen afdragen aan de opvolger van Wiebes. Ik vraag me af waar de stimulans dan moet zitten om zonnepanelen aan te schaffen? Wie is er gek genoeg? Freaks? Batterijfanatici? Mensen die hun elektrische auto overdag thuis opladen? En bovendien vinden nogal wat mensen zonnepanelen op Leidse daken een afschuwelijk gezicht (HVOL bijvoorbeeld).

naar aanleiding van een bericht op SolarMagazine

 

Streak

Afgelopen week was zeer bijzonder. Ik zou heel ver terug in de historie moeten gaan om zo’n mooie regelmatige opeenvolging van pieken in de productie van mijn zonnepanelen te zien. Zes dagen lang onafgebroken zon, samen met een koele wind, ideaal zonnestroomproductieweer. Op nationaal niveau werd record op record gebroken. We gaan in 2020 van het ene in het andere uiterste. Ondanks een uiterst beroerde februarimaand is mijn totale zonnestroomproductie op dit moment hoger dan die in dezelfde periode vorig jaar. En dat was bepaald geen slecht jaar. Nog een hele lente en zomer te gaan!

Overigens is aan de hoogte van de piekjes in de grafiek mooi te zien dat het later in de week iets warmer werd, of de lucht iets minder droog. Aan het eind van de streak is de piek een fractie lager dan aan het begin.

Gaat Wiebes voor de ‘grote jongens’ ?

Wie de geschiedenis van zonnestroom in ons land heeft gevolgd ziet een soort Gandhi-scenario: eerst werden zonnepanelen genegeerd, toen afgeserveerd als volstrekt belachelijk (“zonnepanelen horen thuis in de Sahara”), vervolgens schoorvoetend geaccepteerd als niche product en ten slotte algemeen geaccepteerd. Het is nu zo dat wethouders proberen de welstandsregels in beschermde stads- en dorpsgezichten aan te passen zodat die vermaledijde maar o, zo populaire zonnepanelen (o, gruwel!) misschien op beschermde daklandschappen kunnen komen. Waren het vooral particulieren die de zonnestroomkar jarenlang hebben getrokken: anarchisten, dwarsdenkers en milieufreaks om mee te beginnen, later werden het vooral brave huisvaders die berekenend gingen investeren in de blauwzwarte stroomopwekkende dakdecoratie. Tot op ministerieel niveau doordrong dat dezelfde particulieren ook consumenten zijn die gigantisch veel energiebelasting opbrengen. Op regeringsniveau werd in de achterkamertjes besloten om particulieren zo veel mogelijk dwars te zitten en met grote jongens in zee te gaan. Grote jongens kunnen zó snel voetbalvelden vol panelen leggen dat het stroomnet ervan gaat kraken en piepen. Dikke, vette subsidie dus voor het bedrijfsleven en helemaal niks voor particulieren. Sterker nog: particuliere consumenten hoesten het subsidiegeld op doordat ze ODE betalen bovenop alle andere belastingen, heffingen en btw over heffingen. Tel uit je winst, Wiebes!  Enfin, dit is de strekking die ik geef aan een noodkreet die ik vanochtend binnen kreeg van een kleine lokale energieleverancier, VanOns

Nieuwsbericht VanOns: Zon-op-dak projecten gesaboteerd door scheve subsidieregeling

met dank aan JH.